Pad naar deze pagina: van Spiegelpaleis naar:

Interview met Marieke Mortier.
door Judith van den Berge

Kleuterjuf Marieke  Mortier (55 jaar) is gepassioneerd en straalt als ze over haar werk spreekt. Naast moeder van een zoon van 24 en een dochter van 16 jaar is Marieke een ervaren kleuterjuf op de vrije basis school en daarmee een voorlever voor kinderen. Voor mijn gevoel lijkt ze helemaal samen te vallen met haar taak als kleuterjuf. Boffen dat ze nu wat van haar inzichten en wijsheden met spiegelkinderen wilt delen.

Hoe is het om als juf een voorleeffunctie te hebben? 

Als vanzelfsprekend heeft elke leerkracht een voorleeffunctie en ik weet van mijn collega’s dat ze zich daar allemaal erg bewust van zijn. Als kleuterjuf is dat misschien nog wel specifieker omdat kleuters helemaal in de nabootsfase zitten en daarom ben ik mij dagelijks heel erg bewust van mijn eigen gedrag.

Hoe komt het dat juist kleuters nabootsten?

Ieder mens leert al nabootsend, ook volwassenen nog. Bij kleuters past dat nabootsen in de normale fysieke ontwikkeling, een fysiologisch proces, omdat de spiegelneuronen tussen het 4de en 7de levensjaar het aller scherpst en heel actief zijn. Maar in wezen gaat het nabootsen een heel leven lang door.

Welke handelingen/ gedrag pas je in de kleuterklas heel bewust als voorlever toe?

Dat is gedurende de dag heel veel maar ik zal de belangrijkste dingen noemen:

1.  Het respectvol met elkaar omgaan zit eigenlijk door de hele dag verweven. Vanaf het eerste moment op de dag dat ik de kinderen zie begroet ik ze met respect.  Met aandacht een handgeven en elkaar aankijken, echt even contact maken dat is zo belangrijk. Mijn respect naar hun zie ik onmiddellijk terug in de handelingen van de kinderen zelf gedurende de dag.

2. Heel bewust verplaats ik mij steeds weer opnieuw in de belevingswereld van het kind.

3. Ik ben mij bewust van de bewegingen die ik gedurende de dag maak. Met name tijdens alle gezamenlijke activiteiten zoals het ochtendspel, de vingerspelletjes en de kringspelen, zorg ik voor mooie, ronde bewegingen die helemaal afgemaakt worden. Dit geldt ook voor de bewegingen die ondersteunend zijn bij mijn verhalen.

4.  Ook de wijze van spreken heeft de hele dag door mijn aandacht. De woorden die ik kies mogen aansluiten op de belevingswereld van de kleuters, ik kies een prettige toon, zorg dat ik ze goed uitspreek en goed articuleer. Wanneer ik zing, zing ik in een hoge toonsoort omdat hun stembanden ook nog hoge klanken maken. Als ik mijn eigen lagere toon zing, gaan ze laag met mij mee zingen maar dat zou hun stembanden forceren en daarom doe ik dat niet.

5. Elke dag herhaal ik alles in het ritme van de dag zodat er rust en duidelijkheid is. Dit geeft veiligheid, de kinderen weten waar ze aan toe zijn en daardoor kunnen ze zich ontspannen.

Kleuters willen graag van alles weten en vragen heel vaak “waarom?”, “wat is dat?”  Hoe ga jij om met al die vragen?

Meestal volstaat de wedervraag; “Wat denk jij?” al.

Een kind is van nature nieuwsgierig en heeft er vaak zelf, voor of nadat de vraag gesteld wordt, al ergens zijn eigen gedachtes over. Wat ik regelmatig tegenkom bij ouders is dat als een kleuter iets vraagt over de wereld dat ouders dan snel geneigd zijn om daar antwoord op te geven of te vertellen wat zij weten over de wereld, bekeken vanuit hun eigen volwassen blik. Maar dat sluit dikwijls niet aan bij de belevingswereld van de kleuter en ook niet bij de ontwikkeling van het kind. Kleuters zitten in een soort mythische belevingswereld, alles is levend, alles heeft zijn eigen beweging en vooral; alles is waar in de beleving van de kleuter.

Het is voor een kind heerlijk om fantasievol te kunnen spelen omdat je daarmee creativiteit ontwikkeld die je later als je volwassen bent in kan zetten op diverse vlakken.

De vrije scholen stimuleren om deze reden graag de ontwikkeling van de fantasie. Veel speelgoed is nog niet ingevuld en vaak ook nog niet helemaal af.  Zo heeft een pop bijvoorbeeld nog geen uitgesproken gezichtje. Met houten blokken kun je alles maken en er van alles in zien. Lappen dienen als mantels of je kunt er een hut mee bouwen.

Ik denk dat het niet interessant is dat het kind zich ontwikkelt tot een persoon die voldoet aan onze verwachtingen. De vrijeschool visie; “Worden wie je bent” ondersteun ik daarom ook van harte. Hoe dat tot uiting komt kan op onzeglijk veel manieren. 

Wat we tegenwoordig steeds meer zien is dat de maatschappij wil dat we kinderen zo snel mogelijk beschikbaar maken voor de arbeidsmarkt of voor wat dan ook. Het is volgens mij om die reden dat kinderen vaak (bewust of onbewust) al snel uit de belevingswereld van creatie en spel worden gehaald.

Tevens ben ik van mening dat we onze kinderen veel meer beschermend mogen opvoeden en daarom mogen we er voor zorg dragen dat we ze niet te vroeg bloot stellen aan veel informatie. Met name de begeleiding op het internet wordt vaak onderschat. Het kind krijgt via internet toegang tot allerlei informatie wat het vaak nog niet begrijpt of kan plaatsen.

Alles wat het kind aan indrukken opdoet moet het verteren, in allerlei opzichten. Het komt via het hoofd binnen en het lijf moet het allemaal zien te verwerken. Dit geldt overigens ook voor volwassenen. Als wij bijvoorbeeld vlak voor het slapen gaan nog een indrukwekkende documentaire bekijken dan geven we onszelf geen tijd om het te overdenken en te verwerken en te verteren voor we gaan slapen.

Vaak wordt het hoofd te vol gepropt maar we mogen ook tijd nemen om het te verteren. Daarom wil ik de kleinere kinderen nog niet zo belasten. Daarbij is hun fysieke verteringssysteem nog volop in ontwikkeling. Sluit je dus aan bij de ontwikkelingsfase van je kind waar het op dat moment is.

Een kind heeft bepaalde inzichten gewoon nog niet dus als hij informatie krijgt die hij niet snapt dan moet hij dat wel weer zien te verwerken. Dus liever niet die informatie geven.

Wanneer is een kleuter leerrijp?

Dit geldt voor alle kinderen die 6 jaar zijn geworden of nog 6 moeten worden in de zomer tot 1 oktober. Wij kijken naar 3 dingen die tot ontwikkeling moeten zijn gekomen:

1.De fysieke ontwikkeling
2.De cognitieve ontwikkeling
3.De sociaal emotionele ontwikkeling

Ad 1.De fysieke ontwikkeling.
ls een kind zich fysiek tot een leerrijpe kleuter heeft ontwikkeld dan zie je het lichaam zich strekken, het kleuter buikje verdwijnt, de tanden gaan vaak al wisselen. Ze zijn fysiek in staat om al dingen te kunnen zoals bijvoorbeeld touwtje springen, hinkelen, huppelen, balans hebben. Ze zijn zich bewust van de ruimte om zich heen, weten ze wat voor, achter, onder, boven en naast is. Ze krijgen gevoel voor tijd, de seizoenen, de dagen van de week, wanneer ze jarig zijn. Voor de fijne motoriek kijken we of het kind kan knippen, een potlood goed kan vasthouden en met naald en draad uit de voeten kan. Het kind heeft zijn lichaam paraat om te gaan leren!

Ad 2. De cognitieve ontwikkeling.
Voor de cognitieve ontwikkeling wordt gekeken of het kind voldoet aan de reken- en taalvoorwaarden. Kan het kind bijvoorbeeld ordenen; blokken op vorm of kleur sorteren? Kan het taakgericht werken? Als een kind er nog niet klaar voor is gaat het makkelijk spelen met de blokken i.p.v. sorteren. Op taal gebied kijken we onder meer of het kind letters in klank kan herkennen en kan het de eerste letter van zijn naam schrijven. Hoe gaat het rijmen? Rijmt het met bestaande woorden of verzinselwoorden?

Ad 3. De sociaal emotionele ontwikkeling
Kan een kind voor zichzelf opkomen, durft het in zijn eentje een liedje in de kring te zingen? Begrijpt het dat je onderhandelend leert spelen, niet iemand buitensluiten maar kijken hoe je samen kan spelen. Is het kind emotioneel stevig genoeg om te voelen dat het zichzelf waard vindt om in de eerste klas te zitten.

Als bovengenoemde drie punten tot ontwikkeling zijn gekomen en in balans zijn dan ben je leerrijp. Als dit niet in balans is dan kan dat een reden zijn om daar met de ouders over te spreken en  samen te besluiten om het  kind een jaartje langer te laten kleuteren. Dit alles is natuurlijk geen harde wetmatigheid. Er wordt ook naar de persoonlijkheid van het kind gekeken.

Wat wil je ouders meegeven?  Waar wil je bij ouders nog aandacht voor vragen:  7  aandachtspunten voor ouders

1.  Ouders kleed je kind warm genoeg aan!
Het kleine kind kan zijn lijf nog niet goed warm houden en hij kan het ook nog niet zo goed aangeven wanneer hij het koud heeft. Als ze hun lichaam van binnenuit steeds warm moeten houden dan kost het een kind veel energie die ze eigenlijk nodig hebben om te groeien en zichzelf te ontwikkelen. Kleuters zijn heel vaak verkouden, met warme kleding kan je dit niet voorkomen. Tot ongeveer het 7de jaar is het hele weerstandsysteem, het immuunsysteem zich aan het ontwikkelen. Wollen/ zijden onderkleding zijn heel fijn voor het jonge kind. Het is verwarmend maar nooit benauwd. Zorg voor mutsen, sjaals en wanten en eventueel een skipak in de winter. Op school spelen de kleuters bijna een uur buiten. Als ze te koud gekleed zijn koelen ze snel af.

2.  Ook al wil je je kinderen tot zelfstandige mensen opvoeden; jij blijft als ouder “de baas” over je kind. Kinderen kunnen heel stellig zijn. Zo zijn er kinderen die het liefst in de winter een t- shirt met korte mouwen aan trekken omdat er een mooi plaatje op het shirt staat. Er mag dan geen warme trui overheen want dan kan je het plaatje niet meer zien! Jij als ouder bent de verzorger van je kind op meerdere gebieden. Veel dingen zijn vanzelfsprekend; je zorgt dat je kind te eten en te drinken krijgt, op tijd naar bed gaat wanneer jij het bedtijd vindt, wel of niet televisie mag kijken en wat het mag kijken en laarzen aantrekt als het regent.

3.  Ouders laat je kind zich thuis ook vervelen!
Vervelen is niet erg, jij hoeft het voor het kind niet in te gaan vullen.  Als een kind  zich verveelt gaat het uiteindelijk zelf iets creatiefs verzinnen en zo niet, dan is dat ook niet erg. Wat  je als ouder daarvoor nodig hebt is het geduld om een kind zich te laten vervelen. Dat kan 5 minuten zijn maar gerust ook een half uur of een uur duren. Het kind kan heerlijk wegzakken in het niets doen. Maar ook al heeft het kind er last van, het is toch niet erg voor het kind.

4. Kijk naar wat het gedrag van jouw kind in jezelf raakt.
Je eigen oude kinderpijn kan geraakt worden door het gedrag van je kind waardoor je in de emotie kan schieten. Blijf in je ouder rol. Kan je het verdragen, kan je het kind laten? Onderzoek daarna wat van jouw zelf is en wat van je kind.

5. Wees je als ouder bewust dat je een voorlever bent.
ijvoorbeeld dat wanneer je zelf veel op je mobiel zit dan leef je dat je kind ook voor. Dat is ook onrust voorleven. Rook niet in het bijzijn van je kind. Ben je bewust van je eigen gedrag. Denk na over welke gedrag je van je kind wilt zien en doe dat dan zelf ook.

6. Probeer je steeds die beelden voor je geestesoog te halen zoals jij zou willen dat jouw kind zich gedraagt. Positieve gedachtestromen over je kind en zijn of haar gedrag zijn bijzonder ondersteunend. Als ouder ben je zo verbonden met je kind. Je kind kan je denkkracht lezen. Als jij je bijvoorbeeld zorgen maakt over geld, kan je kind dat zomaar van je over nemen en soms zelfs ook uitspraken over doen zonder dat jij het daar ooit over hebt gehad met je kind. Dat illustreert de verbinding tussen kind en ouder. Dat is  zeker tot het zevende levensjaar sterk energetisch met elkaar verbonden. Je ziet bijvoorbeeld op school dat ouders het moeilijk vinden om afscheid van hun kleuter te nemen. Ze nemen als het ware  de angst of het onveilige gevoel van hun kind over. Weet dat je kind in veilige handen is en geef het vertrouwen dat jij in school en je kind hebt mee op zo’n moment.

7. Los van alle inzichten die je verwerft en kennis die vergaart tijdens je leven mag je als ouder opvoeden vanuit je hart. Doe het zoals het voor jou klopt en zoals het voor jouw goed voelt.

Wat kan je als ouder verwachten  van een kind van 4 jaar?

Een peuter voelt zich het centrum van het universum, het is een beetje een egocentrisch mensenkind maar dat is de belevingswereld van een peuter. Daar komen de kleuters van 4 vandaan en sommigen zitten nog een beetje in die egocentrische belevingswereld als ze in de kleuterklas komen. Sommigen zijn al weer een beetje verder in die ontwikkeling omdat ze oudere broers of zusjes hebben bijvoorbeeld.

Een kleuter van 4 haakt in op wat hij tegenkomt in het spel en dat kan leuk contact zijn met een ander kind maar dat hoeft helemaal niet zo te zijn. Ze zijn vanuit het individuele beleven nog niet zo heel erg in het samenspel. Ze kunnen ook heel makkelijk dingen van een ander afpakken of iemand een mep geven als ze vinden dat zij in hun recht staan. Naarmate ze ouder worden oefenen ze de sociale vaardigheden en het samenspel in een klas van 25 tot 30 kinderen. Ze leren rekening houden met elkaar en excuses te maken als ze iemand pijn hebben gedaan met woorden of met hun handen.

In de kleuterklas krijgt het jonge kind niet onbeperkt de ruimte om zijn individuele zin te krijgen. Een kind maakt natuurlijk sowieso een ontwikkeling door omdat zijn hersenen aan het rijpen zijn, hij meer inzicht krijgt en omdat het lichaam aan het groeien is, ook al zou je het niet naar school laten gaan. Maar in contact met de ander, met de wereld, kan het kind zich ontwikkelen tot een sociaal wezen.

Dankjewel Juf Marieke  voor het delen van je  verhelderingen, ervaring en aandachtsgebieden ……of  ……dankjewel “juffie” want dat is zoals de kleuters op de vrije school gewend zijn een kleuterjuf  te noemen.

 

 

 

 

Interview met Milagre Noé.
door Judith van den Berge

Over de overgang van basisschool naar middelbare school

7 maanden geleden alweer, was Milagre één van de oudste leerlingen van de basisschool. Nu is ze brugklasser en ineens de allerjongste op de middelbare school. Met haar heb ik een gesprek over deze grote stap in haar leven en de veranderingen die dit met zich meebrengt.

Wie is Milagre?
Milagre een vrolijk meisje met een bijzondere naam; in het Portugees betekent haar naam “wonder”. Ze woont samen met haar broertje van 8 jaar en vader en moeder, in Zutphen en vertelt openhartig over haar ervaringen.

Wat zijn jouw tips voor ouders met een kind dat naar de brugklas gaat?
Ouders moeten kinderen goed kunnen begrijpen. Ik vind dat ouders onderzoek moeten doen naar alle verschillende scholen door er bijvoorbeeld over te lezen. Ouders moeten veel aandacht hebben voor hun kind en zich inleven  in hun kind. En dat het ook hun taak is om ook met school te gaan praten als er problemen zijn.

Heb jij tips voor jouw ouders hoe ze je kunnen helpen met school?
Nee, mijn ouders doen het precies goed. Mijn moeder helpt mij soms met huiswerk plannen, dat is fijn. En als ik iets lastig vind dan luistert ze naar mij en dan praten wij daarover. En met de moeilijke dingen op school zelf kunnen zij niet helpen, dat moet ik zelf doen.

Wat zijn je tips voor leerkrachten van groep 8 of klas 6 van de basisschool?

  • Geef alvast les in dingen die je ook krijgt in het eerste jaar van de brugklas en geef vooral  Engelse les.  Anders loop je heel erg achter als je dat niet hebt gehad. Het helpt ook al om op de lagere school te kijken naar Engelse films.
  • Zorg dat kinderen informatie mee krijgen over de middelbare school en dat ze kinderen helpen met vragen over middelbaren school. Het is echt fijn om alvast dingen te weten als je brugklasser bent.

Heb je tips voor de kinderen die nu in groep 8 of klas 6 zitten?

  • Ga alle opendagen bezoeken. En let niet op alle proefjes want dat zijn lokkertjes maar die dingen doen ze echt niet alle dagen. Op open dagen vertellen ze toch alleen maar de leukste dingen van de school
  • Let erop of je je fijn voelt en of je je thuis voelt en stel je voor of je er wel elke dag zou willen zijn. Kijk ook naar de dingen die niet speciaal in de aandacht krijgen. Vraag ook veel aan kinderen en leraren die er rond lopen. Hoe meer je er van weet hoe beter het zal gaan.
  • Ik heb heel veel vragen gesteld aan kinderen en ben er ook naar toe gegaan buiten de open dag. Dan is het er heel anders.
  • Maak na de open dag steeds zelf een kort verslag over de school. Als je het opschrijft moet je er echt over nadenken dan wordt het heel anders dan wanneer anderen iets over de school aan je je vertellen. Het heeft mij erg geholpen
  • Maak na een open dag ook een lijstje met min en pluspunten. Hierdoor kon ik uiteindelijk makkelijker mijn keuze maken.

Wil je méér weten over Milagre en hoe zij haar overgang heeft ervaren?
Lees dan verder:

Hoe was het afscheid van de lagere school?
Toen ik in groep zeven zat dacht ik dat het afscheid nemen mee zou vallen. Ik zag toen veel 8ste groepers huilen en bedacht dat ik dat niet zou gaan doen.  Toen het zo ver was viel het tegen en was het moeilijker dan ik dacht. Ik mis de oude school nog best wel, daarom ga ik nu af en toe nog wel naar de lagere school terug.

Wat mis je het meest van de basisschool?
Het lekker buitenspelen op het schoolplein en ook het spelen na schooltijd. En ik mis de de tijd dat we geen of bijna geen huiswerk hadden.  Op de basis school had ik tijd om ’s middags te knutselen of te tekenen, creatief te zijn. Nu ben ik huiswerk aan het doen.

Hoe heb je je voorbereid  op de  middelbare school?
Mijn juf vertelde over de verschillende scholen en er kwamen kinderen van middelbare scholen langs die over hun school vertelde.  Ik ben naar alle open dagen geweest want ik mocht zelf kiezen naar welke school ik zou gaan.  Helaas werd ik uitgeloot voor de Vrije school. Ik wist daarna wel naar welke school ik niet wilde en zo werd de keuze iets makkelijker. Ik had er heel veel zin in.  Tijdens de zomervakantie kon ik niet wachten tot mijn boeken  kwamen en ik de stad ik kon voor kaftpapier en dat soort dingen. 

Voor welke school heb je gekozen?
Ik heb gekozen voor het Baudartius college en zit nu met 23 andere kinderen in de mavo brugklas. Ik vind het leuk dat ik samen met een van vriendin uit mijn oude klas in deze klas zit.

Hoe was je allereerste lesdag op school?
Ik was niet zenuwachtig. En had er echt zin in. Onze mentor en een paar zittenblijvers hebben ons wegwijs gemaakt.  Ik heb nu twee mentoren wat best handig  is want  ze zijn altijd  bereikbaar voor vragen.

Zag je ergens tegen op?
Nee, in het begin helemaal niet maar nu ik in de brugklas zit verlang ik toch wel weer naar de lagere school.

Wat is  er voor jou echt anders geworden?
Vroeger kon ik  gewoon naar de lagere school lopen en nu moet ik veel verder fietsen naar school. Ik heb zulke lange dagen en dan ook nog huiswerk en daardoor heb ik bijna geen tijd meer voor mijzelf. Ik heb alleen vrijdagmiddag vrij maar dan ben ik hartstikke moe van school. Op deze school gebruiken we allemaal een I pad.
Na de eerste week werd mijn tas steeds zwaarder en kregen we meer huiswerk en toen vond ik het steeds minder leuk. Als ik thuis kom heb ik echt pijn in mijn rug van mijn tas.

Voel je je veilig op school?
Ja, want als ik ergens last van heb kan ik dat altijd aan mijn mentor vragen of aan de leraar. Dat vind ik heel fijn. Alleen de conciërge vind ik soms een beetje spannend want die kan nogal boos kijken.

Wat doe je in de pauze op school?
Wat ik heel jammer vind is dat we als klas helemaal niet meer naar buiten gaan in de pauze. De meeste kinderen hebben geen zin om naar buiten te gaan. En ik vind het niet leuk om dan in mijn eentje buiten te zijn.  Dus blijf ik ook binnen maar iedereen zit in de pauze eigenlijk op zijn I pad .  En dan ga ik ook maar op mijn I pad want als je dat niet doet voel je je heel alleen.

Het kluisje
Ik vind het fijn om een eigen kluisje te hebben voor mij spullen. Ik ga mijn kluisje weer helemaal netjes maken en ga het  versieren. Ik ben van plan er mijn tas met mijn zware boeken in te stoppen en dan alleen mee te nemen wat ik nodig heb voor de volgende 2 lessen.

Is het belangrijk wat voor soort kleding je aan hebt of welk merk voor rugzak je hebt? 
Nee, volgens mij is dat niet belangrijk. Daar merk ik niets van.

Wordt er gepest in de klas?
Ja, ik weet dat er een kind is dat wordt gepest. Zelf heb ik daar nooit last van gehad. Ik heb een broertje en daardoor ben ik gewend om van mij af te bijten.

Mag je op school een mobiel gebruiken?
Ja in de pauzes wel en soms ook in de klas om iets over te nemen van het schoolbord of uit het schrift van iemand anders. Je mag niet spelen met je mobiel of foto’s in de klas maken van jezelf of van anderen. We hebben twee groep-apps. Een met de klas en de mentor erin en een alleen met de klas zonder de mentor.

Is er verschil tussen docenten op de lagere school of in de brugklas?
Naast het feit dat je meneer en mevrouw moet zeggen, zijn ze niet anders.

Wil je iets vertellen over het lesgeven?
Ik ben zelf vooral van het doen. Bij sommige lessen leggen ze het uit en als je het dan snapt mag je alvast iets gaan maken. Engels vind ik het stomste vak van allemaal want daar moet je eerst een half uur luisteren en dan mag je pas iets gaan doen en ik kan echt niet blijven luisteren en sla ik het ook niet meer op. Na 10 minuten ben ik mijn aandacht al kwijt. En dan ga ik dagdromen. En de meeste andere kinderen ook.  Ik vind dat niet zo slim van de docent. Je kan volgens mij beter een beetje vertellen dan weer een opdracht en dan weer even iets vertellen.

Wat zijn de leukste dingen van de brugklas?
De kluisjes!

Wat zijn vervelende dingen?
De lange schooldagen zijn niet leuk. En ook niet de zware boeken en schriften en extra huiswerk als je iets vergeet. Ver fietsen naar school. Je hebt nu heel veel verschillende docenten en dat is lastig omdat ze allemaal andere regels hebben en ander manieren, dat vind ik lastig. Je moet je bij ieder les dat je weer binnen komt steeds weer een beetje anders gedragen omdat ieder leraar steeds weer iets anders van je verwacht.

Hoeveel uur huiswerk doe je op een dag?
Ik ga sowieso net zo lang door tot dat alles af is. Ik probeer in het weekend  al een beetje voorruit te leren.  En voor toetsen leer ik bijvoorbeeld elke dag al een kwartiertje per dag voor die toets.

Hoe laat ga je slapen en weer op?
Ik ga ongeveer om 20.30 uur naar bed. Via mijn mobiel merk ik dat er ook kinderen uit mijn klas lang wakker zijn omdat ze dan om bijvoorbeeld 23.00 uur nog berichtjes sturen. Mijn wekker gaat om half 7 en om 7 uur sta ik op.

Ouders en school.
Ik vind het okay om te vertellen hoe het was op school als ze het echt willen weten maar ik maak niet zo veel spectaculairs mee.  Als er echt iets is vertel ik het meestal aan mijn moeder als ze nog even bij mij komt kijken als ik naar bed ga.  Als ik thuis kom na school ga ik eigenlijk vrij snel naar mijn eigen kamer want daar ben ik het liefst.

I pad
Ik baal soms echt dat kinderen meer bezig zijn met het scherm dan met anderen. Ik denk dat sommige kinderen niet eens weten of het sneeuwt of dat de zon schijnt.
De kinderen zijn gewoon niet mee naar buiten te krijgen zijn, behalve soms als ze hun iPad vergeten zijn.

Zou je dan liever op school zitten zonder iPad?
Ja, eigenlijk wel maar daarvoor was ik uitgeloot. Het lijkt mij ook lastig om dan nu nog naar een andere klas of school te gaan.  Maar op onze school kan je verschillende lijnen kiezen en nu ik wil graag  de KC lijn (Kunst en Cultuur) gaan volgen en daar heb ik wel veel zin in.

door Judith van den Berge, januari 2017

 

 

 

Interview met Rien de Vries.
door Judith van den Berge

Rien (18 jaar) komt over als een stralende persoonlijkheid. Hij heeft als jongvolwassene veel contact met zowel kinderen als volwassenen. Omdat hij op een bijzondere manier in het leven staat, ben ik benieuwd wat hij mij en mogelijk ook anderen te spiegelen heeft.

Waar houd jij je gewoonlijk mee bezig?
Ik heb de middelbare Vrije school afgerond en nu volg ik de opleiding tot pedagogisch werker op het ROC in Zutphen. Naast school ben ik een actief vogelaar, heb ik een baantje als hovenier en geef ik af en toe gitaarles. Verder houd ik mij bezig met mijn vrienden, muziek luisteren, gitaarspelen en ben ik actief bij de scouting.  Voor mij zijn muziek, mensen en de natuur heel erg belangrijk.

Wat is de overeenkomst tussen deze dingen waar jij van houdt, mensen, muziek en de natuur?
Eigenlijk zijn ze alle drie min of meer hetzelfde voor mij. Ze hebben als belangrijkste overeenkomst dat ze allemaal te maken hebben met een eigen ritme. Dat vind ik heel bijzonder. Daarnaast hebben mensen gevoelens en emoties en kan muziek en de natuur een gevoel of een emotie juist in een mens oproepen.

Wie zijn voor jou je voorlevers?
Dan denk ik direct aan mijn vader en mijn moeder.

Wat hebben je ouders jou gespiegeld?
Omdat ik zo dicht bij ze sta, weet ik nu misschien nu nog niet zo goed wat ze mij spiegelen, maar ik herken mijzelf wel in hun.  Qua gedrag nu het meeste in mijn vader. We hebben allebei de liefde voor de natuur en zijn allebei behoorlijk eigenwijs.
Mijn beide ouders hebben mij al wel duidelijk gespiegeld dat ik een tijdje té veel aan het genieten was. Ik was als het ware te veel aan het fladderen. Er waren zoveel leuke dingen op mijn pad dat ik daar af en toe in kon vluchten. Zo ging ik de minder leuke dingen niet aan die ook moesten gebeuren. Het meer in mijn lichaam aanwezig zijn heeft mij geholpen een betere balans te vinden.

De vlieger als metafoor
Ik zou mijzelf met een vlieger kunnen vergelijken die mijn ouders in handen hebben. Eerst stevig nu steeds losser. Zij hebben mij vertrouwen en ruimte gegeven om mijn eigen weg te gaan en af en toe te fladderen. Op momenten dat ik dreigde neer te storten of te ver uit de richting ging, trokken ze gelukkig aan de touwtjes en brachten mij hierdoor weer meer in balans. Op deze manier hebben ze mij geholpen het contact met de aardse realiteit en met mijn lichaam te maken. Ik  heb veel ruimte gehad om zelf te mogen ontdekken en ook hun helpende en af en toe sturende handen ervaren.

Heb je nog meer voorlevers?
Ja mijn opa‘s en oma’s. Juist omdat ze iets verder weg van mij staan kan ik in hun soms meer herkennen van mijzelf dan in mijn ouders. Mijn opa is pas gestorven. Wat ik mooi vond van hem is om te zien hoe rustig hij accepteerde dat het ging zo als het ging.

Muziek als voorlever
De muziek in het algemeen is een voorlever voor mij en Stef Bos in het bijzonder.
Hij heeft mij toen ik 11 jaar was voor het eerst echt met muziek in aanraking gebracht waardoor ik anders naar muziek kon luisteren. Sindsdien ben ik door muziek geraakt en heeft het een hele grote rol in mijn leven. Dagelijks speel ik op mijn gitaar en tegenwoordig speel ik ook in een band. Wat ik magisch vind is dat op een gitaar eigenlijk maar een paar akkoorden zitten. Met deze akkoorden speelt ieder mens steeds weer andere melodieën en steeds is het weer anders op elk moment. Dat is een mysterie voor mij, waardoor ik mij steeds laat verwonderen en waardoor ik ook geïnspireerd word.

Wat vind je leuk aan omgaan met kleine kinderen?
Tijdens mijn opleiding heb ik stage gelopen op een kinderdagverblijf bij kleine  kinderen; zij zijn lekker eerlijk . Wat ik daar zie is dat kinderen alles nadoen van je.
Ze zijn kleine grote spiegels voor mij.

Wat vind je leuk aan omgaan met je eigen leeftijdgenoten; jongvolwassen?
Wat ik leuk vind is dat ik de stugheid en eigenwijsheid van ze herken.
Daarmee bedoel ik dat ze in de leeftijd op de middelbare school alles graag zelf uit willen zoeken en dat is nog niet altijd zo eenvoudig. Ook voor ouders niet en volgens mij zitten ouders in deze tijd ook in een bepaalde stugheid. Door de groei van hun kinderen wordt er van hen ook iets gevraagd en soms zijn ouders daarin ook stug.
Het is een periode waarin jongeren een grote ontwikkeling doormaken naar het zelfstandig worden en dat vind ik heel mooi.
Ik weet al een paar jaar dat ik wil gaan werken met deze groep.  Ik vind het een uitdaging om met jongvolwassenen om te gaan die het net even iets lastiger hebben dan de gemiddelde jongeren.

Wat vind je leuk aan omgaan met oudere mensen?
Zij geven mij een voorbeeld. Over hoe ik het wel wil en ook over hoe ik het niet wil.

Wat zou je tegen jongeren willen zeggen?
Dat ze vooral mogen genieten en die dingen doen die leuk zijn.

Wat zou je tegen ouderen willen zeggen?
Dat ze kinderen vertrouwen geven en meer loslaten. Door ze los te laten geef je ze direct vertrouwen. Ik weet ook wel dat je jongeren niet helemaal los moet laten omdat het dan mis gaat met de jongeren, maar ze willen zelf ervaringen op doen en ontdekken. Hier  krijg je zelf vertrouwen van.

Is er iets dat je graag zou willen veranderen op de aarde?
Nee voor mij hoeft dat niet echt. Het gaat erom dat alles steeds in beweging is. Iedereen is onderweg naar iets toe en onderweg verandert dat doel weer. Het gaat om de beweging en ieders eigen ritme. Het enige dat ik regelmatig zie is dat mensen soms vergeten te genieten omdat ze zo doelgericht bezig zijn. Blijven genieten in de beweging, dát mag er misschien nog meer zijn!

 

 

Dit intervieuw is geschrevendoor Judith van den Berge op 10-11- 2014 


Dit was een tekst over Spiegelkinderen
Ontwerp: Ineke Keesom • Realisatie: Numaga-Design, Nijmegen.